Bij de voorstelling Wondermooi bijt ik – terwijl ik een appel eet – op een pitje. Vies toch? Dat vindt Maartje ook. Haar idee is dat het veel beter was geweest als God appels zonder pitten gemaakt had. En dan ook maar meteen al het fruit zonder pitjes…

Altijd is er wel een kind dat roept dat dat juist niet handig zou zijn. Dat er uit een pitje weer een nieuwe boom of plant groeit. “Natuurlijk!” zegt Maartje. “Pitjes zijn niet dom bedacht, het is eigenlijk superslim van God!” Dan hoeft Hij niet steeds opnieuw bomen te maken als wij alles ervan opeten, keer op keer op keer.

Pas zat ik bij ons in de dienst en bij de preek kwam er ineens een linkje met de pit in de appel naar boven. Jezus is voor ons gestorven, wat een offer. Maar elke dag is er opnieuw een hele nieuwe start mogelijk. Keer op keer op keer. God kijkt keer op keer naar ons vol liefde en verwondering. Hij wordt ons niet zat, Hij hoeft ons ook niet elke dag te ‘herscheppen’, want Hij heeft ons goed gemaakt. Zijn liefde en het offer van Jezus zijn als de appel, het hoeft niet steeds opnieuw ‘gemaakt’ te worden, het offer van Jezus was een eenmalige daad, net als het scheppen van de appelboom, maar het werkt eeuwenlang door.

De volgende keer dat ik in een appel bijt, zal ik hier aan denken. Wat een rijk principe, van een supercreatieve God. Als een energiebron die dus nooit, nooit, nooit op kan raken!

Laat daar maar een boompje van in mijn hart groeien!